Nieuws

De charterschipper is een vakman, volgens het kenniscentrum immaterieel erfgoed

De charterschipper is een vakman. De kennis en kunde van de schipper, de wijze waarop hij met zijn schip, bemanning en passagiers én met de elementen omgaat, maken zijn vak bijzonder.

Dat vindt het Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed ook. Het vakmanschap van de charterschipper wordt daarom tijdens een speciale bijeenkomst in Meer Enkhuizen op 20 maart bijgeschreven in de Inventaris Immaterieel Erfgoed onder de noemer schipper bruine vloot.

Het besef hoe bijzonder en veelzijdig het ambacht van een charterschipper is, ontstond in coronatijd, benadrukt Pam Wennekes als lid van de werkgroep vanuit de vereniging voor beroepschartervaart BBZ, die de inschrijving nauwkeurig heeft voorbereid. „Wat voor ons heel vanzelfsprekend is, is dat voor buitenstaanders niet.”

Leek

De zorg om het voortbestaan van de bruine vloot maakte de behoefte groter om het vakmanschap ook voor een leek te onderscheiden van andere beroepen. Dus bracht de werkgroep alle aspecten van het vak van charterschepen gedetailleerd in kaart. „We hebben een heel document opgesteld met elkaar met de kansen en bedreigingen, de sterke en zwakke kanten. Wat houdt het ambacht in? Wat komt kijken bij de kennis en kunde.”

Het Immaterieel Erfgoed Nederland gaat over het behoud van die typisch Nederlandse kenmerken. In dit geval gaat het niet om het charterschip, benadrukt Wennekes. En ook niet om de veiligheid, maar om het beschermen van het vak. „Het gaat echt om het vakmanschap, om de mensen die het doen. De vakman die aan het roer staat. Dat is heel anders dan bijvoorbeeld op een binnenschip. Het navigeren, het weer in de gaten houden, het omgaan met mensen aan boord op een professionele manier. het onderhoud, de techniek. Dat is veel meer dan het varen van A naar B.” Het kenniscentrum zelf zegt hierover: „Bijschrijving in de Inventaris is een middel om de beoefenaars te helpen bij het levend houden van hun immaterieel erfgoed.

Erkenning

Voor de schippers zitten geen voorwaarden aan de inschrijving, benadrukt Wennekes. „Je hoeft niets extra’s te doen, er zijn geen regels. Het is zuiver het vastleggen van wat er is, de erkenning.” BBZ-directeur Paul van Ommen is blij met de inschrijving en erkenning voor de charterschipper. „De roep om dat te doen kwam eigenlijk uit de samenleving en de zorg om het voortbestaan van de bruine vloot in coronatijd. Voor ons is het de start van een lang traject, waarin we meer aan de slag willen met de gemeenten en havens. We kijken hoe we de banden kunnen verstevigen en invulling kunnen geven aan het immaterieel erfgoed.”

In totaal zijn 218 vormen van immaterieel erfgoed bijgeschreven.

Lees het hele artikel in het Noord-Hollands Dagblad (alleen voor abonnees).