De Bruine Vloot op weg naar opname in de nationale Inventaris Immaterieel Erfgoed

De BBZ aanvraag voor deelname aan het traject om de Bruine Vloot op de Inventaris Immaterieel Erfgoed Nederland te krijgen is gehonoreerd. Jaarlijks kiest het KIEN (Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland) 15 aanvragers uit voor de begeleiding naar de opname. Om tot erkenning te komen moet beschreven worden in een zo genaamd Borgingsplan wat we zijn en wat we willen behouden voor de toekomst:

  • De beoefenaars/betrokkenen willen het immaterieel erfgoed toekomst geven, ze willen het doorgeven aan nieuwe generaties.
  • In het Borgingsplan laten de betrokkenen/beoefenaars zien dat ze nagedacht hebben over de toekomst van hun erfgoed. Zij maken inzichtelijk wat ze nu al doen en wat ze gaan doen om hun immaterieel erfgoed toekomst te geven. Waar nodig worden aanvullende acties benoemd om knelpunten in de overdracht naar volgende generaties op te lossen.
  • Het erfgoed is dynamisch, wat betekent dat het met de tijd mee kan veranderen. De beoefenaars/betrokkenen staan open voor deze dynamiek en geven hier ook uiting aan.

De eerste vraag die zich aandient is wat we precies willen beschermen? Met die vraag gaan we in de komende maanden de boer op. Een eerste aanzet hebben we al gegeven met de enquête die we pas hebben uitgezet. Het meer benadrukken van de maatschappelijke waarde van de actief varende schepen is van grote waarde gebleken in tijden van Corona. Havens, bedrijven, overheden nationaal en regionaal, stedenbanden en de pers hadden grote aandacht voor vloot. In de Tweede Kamer is gesproken over UNESCO status.

Opname in de nationale Inventaris en het proces dat daar toe moet leiden, helpt duidelijker maken wat de vloot bijzonder maakt, wat de maatschappelijke waarde is naast een economische waarde (het belangrijkste lobby-argument tot nu toe) en waarom er voorzichtig mee omgegaan moet worden.

De Bruine Vloot op weg naar opname in de nationale Inventaris Immaterieel Erfgoed