Historische zeilvloot met de ondergang bedreigd: ‘We zijn het visitekaartje van Nederland’

Honderden Nederlandse charterzeilschepen dreigen verloren te gaan. De beloofde miljoenensteun is nog steeds niet uitbetaald. Schippers Ton en Jouke Lemmers (vader en zoon) vrezen voor het einde van oer-Hollands cultureel erfgoed. ,,Als ik failliet ga, is ook het schip verloren.”

De schepen in de haven van Durgerdam liggen er mooi bij in het winterse tafereel. De Stella Maris, een klassieke klipper, is een van de blikvangers. Normaal bevaart schipper Ton Lemmers (79) met zijn passagiers het IJsselmeer, de Waddenzee en de Oostzee. Door de coronacrisis ligt zijn charter- én woonschip al maanden werkeloos in de haven. ,,Het laatste geld heb ik in oktober 2019 verdiend’’, zegt Ton somber. ,,Veel boekingen zijn doorgeschoven naar dit jaar. Maar ik zie niet gebeuren dat we met Pasen weer kunnen varen.’’

Het doet pijn. Ton zit al een halve eeuw in het zeilvak. Hij begon met een oud vrachtschip dat hij redde van de sloop en eigenhandig ombouwde tot zeilschip. De kennis over masten, zeilen en het tuigen haalde hij bij oud-schippers. In de jaren 80 was hij een van de pioniers van de huidige chartervloot, die met ruim vierhonderd schepen de grootste ter wereld is. Ton: ,,Het is een uniek product, een stukje Hollands Glorie.’’

Bedreigd
De historische vloot met zeilschepen, die soms honderd jaar oud zijn, wordt bedreigd. Ze mogen door de coronamaatregelen niet met passagiers varen. Ondernemers verliezen gemiddeld 75 procent omzet. Velen staan aan de rand van een faillissement. Vorig jaar juni hielden 175 schepen een protest bij het eiland Pampus. Het kabinet zegde 15 miljoen euro steun toe aan de chartervaart. Een halfjaar later is het geld nog steeds niet uitgekeerd, omdat er gebakkeleid wordt over hoe het verdeeld wordt en wie het krijgt.

Lees het gehele artikel met video op de bron: AD

Foto: videostill

BBZ
EOC