De Vismigratierivier

Veel vissoorten zwemmen tientallen tot zelfs wel honderden kilometers om hun levenscyclus te voltooien. Sommige vissen trekken heen en weer in een riviersysteem, anderen tussen zoet en zout water, er zijn zelfs vissen die hele oceanen over steken. Tijdens hun trektochten komen zij langs allerlei barrières en hindernissen. De Afsluitdijk vormt al bijna 90 jaar zo’n hindernis. Hierdoor gaat het met de populaties van veel migrerende vissoorten niet goed.

Ecologische ramp
De Afsluitdijk bracht Nederland veiligheid en economische ontwikkeling. Maar voor de natuur was de komst van de Afsluitdijk een ecologische ramp. De Zuiderzee en de Waddenzee werden abrupt van elkaar gescheiden. Zo verdween een visrijk brakwatermilieu met al zijn dynamiek en biodiversiteit. De natuur volledig herstellen gaat niet, maar met de Vismigratierivier zorgen we wel voor een belangrijke verbetering. Vissen kunnen straks weer vrij heen en weer trekken. Belangrijk voor het herstellen van de visstand in Waddenzee, IJsselmeer én achterland.

Internationaal bereik
De invloed van de Vismigratierivier zal verder reiken dan alleen Waddenzee en IJsselmeer. Die laatste is namelijk een belangrijke doorgang naar de Friese meren, Weerribben, Vecht en Zuid-Drentse, Overijsselse en Gelderse beeksystemen en nog verder, de internationale Rijn op. Miljoenen vissen liggen in de Waddenzee te wachten voor de spuisluizen. Ze ruiken het zoete water en willen naar binnen trekken, maar de stroming is nu meestal nog te sterk om tegenop te zwemmen en de overgang tussen zoet en zout water te abrupt.

Voor sterke en zwakke zwemmers
De Vismigratierivier is bedoeld voor grote en kleine vissoorten, van sterke tot zwakke zwemmers. Dankzij de permanente opening en verschillende stroomsnelheden in de Vismigratierivier kunnen alle soorten is er voor alle soorten een ruime “window of opportunity” om de Afsluitdijk te passeren en weer vrij kunnen zwemmen van zoet naar zout water en andersom. En daar worden deze vissen heel blij van! Niet alleen zullen vispopulaties zich zo kunnen herstellen, óók dieren die vissen eten profiteren mee. Sterns, futen, zaagbekken en aalscholvers bijvoorbeeld, maar ook roofvissen zoals snoekbaars en baars en natuurlijk de gewone en grijze zeehond.

Lees het gehele artikel op de bron: Waddenvereniging

EOC
BBZ