‘Jammer als chartervaart door keuringseisen gaat verdwijnen’

Charterschipper Carool van de Bilt ziet het beter gaan in de chartervaart, maar maakt zich zorgen over de keuringseisen en de toeristenbelasting.

Carool van den Bilt is met een Duits vrijgezellengroepje uit zijn thuishaven Muiden naar de nieuwe chartersteiger aan de Pontsteiger gevaren en de Gay Parade was een gelukkige toevalstreffer. Een bootje met feestvierders komt langszij en wil vastmaken. “Doe je er even een fendertje tussen?” vraagt Carool. “Ik ben net geschilderd”.

Carool is op zijn 21ste in de chartervaart ‘gerold’. Zijn ouders hadden Jachtwerf Kramer in Oud-Zuilen en hij was altijd wel bezig met water. Een vriendinnetje in Amsterdam organiseerde voor minder draagkrachtigen vaarvakanties in Friesland. “In die tijd had je nog geen papieren nodig, dus je kon gewoon op zo’n scheepje stappen en het zelf uitzoeken. Ik huurde een steilsteven in Muiden en ik was de schipper, omdat ik de meeste ervaring had”.

Op de terugtocht over het IJsselmeer voer de eigenaar, Ted Broekhuizen, mee en complimenteerde Carool met zijn vaarstijl. De volgende dag moest Carool de sleutels van de boot aan de Viking afgeven. Die Viking was Pam van Lohuizen, die zijn bijnaam aan zijn imposante gestalte dankte.

“Met Pammetje moest je altijd afspreken bij Ome Ko, een bekende kroeg in Muiden. Vroeger had je daar elke dag borreluur, schippers en maten zaten daar. Dus ik kom die sleutel afleveren en raak met Pammetje aan de praat en die zegt: ‘Goh, heb je misschien zin om volgende week op een zeilcharter te varen?’ Ik had nog nooit op zo’n ding gevaren, maar ach, waarom niet? Ik kreeg wel een matroos mee die er wat sjoege van had. En zo is het begonnen”.

Zetschipper
Carool voer als zetschipper op verschillende schepen, waaronder de Zeeuwse poon Havik (“Die is naar Curaçao gegaan en er is niks meer van over, heb ik gehoord”) en vijf jaar op de tweemastklipper Zwarte Valk. “Dat was een van de eerste grote charterschepen. Vroeger liepen ze naar buiten als het schip binnenkwam”.

de Antonius

Carool voer ook op de motorcharter Anne Maria III. “Dat was elke week hetzelfde rondje. Dat vond ik niet zo interessant en toen ben ik weer terug in de zeilvaart gegaan”. In 1997 kocht Carool de in 1898 bij Boot in het Delftse buurtschap Vrijenban gebouwde klipper Antonius (23 x 4,90 meter, 196 meter zeiloppervlak, 120 pk Daf 575). De Antonius heeft tot 1973 als vrachtschip gevaren en werd in 1982 door Hen Gentenaar tot zeilcharterschip omgebouwd. In 1994 volgde een tweede, grondige restauratie. De Antonius kan 25 dagpassagiers of 16 slaapgasten meenemen.

Lees het gehele artikel op de bron: Scheepvaartkrant

Tekst en foto: Heere Heeresma jr.

BBZ
EOC