Klassieke Raderboot werd omgebouwd tot hotelschip

Ton Schellekens bracht als enige een bod uit bij de Faillissementsverkoop van de raderboot Kapitein Kok. Inmiddels is het in Kapitein Anna herdoopte schip bijgeschreven als Varend Erfgoed en denkt Schellekens aan verkopen.

Ton Schellekens (1953) is opgeleid aan de HTS Weg- en Waterbou en heeft tussen 1977 en 1996 als bedrijfsleider voor aannemersbedrijven gewerkt. “Ik heb altijd gezegd: als ik 45 ben stop ik met werken voor een baas. Uiteindelijk werd het op mijn 44ste. Ik wilde kleinschalige projectontwikkeling gaan doen, dat leek me erg leuk. Maar ik was ook begonnen als stille vennoot met het opbouwen van een klipper, de Frans Horjus. Ik zocht iets om geld wat ik over had in te stoppen en dat is toen die klipper geworden.”

Al gauw wilde hij een tweede schip opbouwen en dacht daarbij aan de zakelijke markt. “Niet elk bedrijf wil zijn gasten meenemen in een stapelbedje. Meer luxe betekent gewoon meer vierkante meters”. In 1999 bouwde hij, samen met zijn compagnon Jan van Berge, de Zweedse coaster Thalatta uit 1937 op tot het zeilcharterschip Liefde. De Frans Horjus had hij toen alweer verkocht. In 2001 besloot Schellekens een derde zeilcharterschip op te bouwen: de Hartstocht. In 2007 verkocht Schellekens de Liefde en in 2012 de Hartstocht.

In 2013 kreeg Schellekens een brief van faillisementsmakelaar Troostrijk met de uitnodiging een bod uit te brengen op de radersalonboot Kapitein Kok. Ik was toen 60 en te jong om niets te gaan doen. Ik heb het altijd een fantastisch mooi schip gevonden. Het leek me een leuk project om er iets van te maken. Hij stonk als een gek, het was één grote schimmelbende. Op de waterlijn zaten heel erg veel gaatjes in de romp. Ik was de enige inschrijver bij de veiling.”

Toen Schellekens in 2013 de Kapitein Kok kocht had hij een duidelijk plan. “De markt was behoorlijk achteruit gekakeld. De tijden dat een schip 150 vaardagen per jaar had zijn voorbij. Ik heb nu 25 vaardagen, daarvan kan je een schip als dit niet drijvende houden. Daarom heb ik van de salons beneden hotelkamers gemaakt. Die zijn alleen op relatief korte termijn te boeken, zodat ik het schip vrij houd voor vaartochten, altijd met grote groepen. In die combinatie hebben we een renderend bedrijf en is er genoeg geld om het schip goed te onderhouden.”

Lees het gehele artikel van Heere Heeresma jr. op de bron: Scheepvaartkrant pagina 17

EOC
BBZ