Zeearend over stuurboord

Thermoskan met koffie klotst in mijn rugzak als we om half vijf ’s ochtends als vier vrouwelijke verstekelingen de Najade stilletjes achter ons laten. Een kwartier later werken de eerste zonnestralen zich door de takken van majestueuze beukenbomen. Bomen die zich tot aan de rand van de rotsen wagen. Regelmatig zorgt een flinke storm voor het laatste duwtje en laat deze beuken in de diepte van de Oostzee verdwijnen.

Sprookjesachtig lichten de stammen op. Twee reeën zoeken hun heil elders. Zachtjes hamert een specht en in de verte krast een raaf. Ik voel hoe mijn T-shirt aan mijn rug plakt en veeg het zweet van mijn voorhoofd.
We naderen “Victoriasicht”. Koning Wilhelm vond dit op 10 juni 1865 zo’n mooi uitzichtpunt dat hij het onmiddellijk naar zijn schoondochter vernoemde.

 – Krijtrotsen
Al wat rest is een balkonnetje met hieraan talloze liefdes slotjes dat hangt boven de krijtrotsen. Krijt is koel,vettig en plakt een beetje. Lagen zwart vuursteen houden de rotsen bijéén. We staan op de plek van de schildersezel van Caspar Friedrich. De scherpe kantjes van de rotsen die hij toen schilderde, zijn in de loop der jaren verdwenen. De verbazing over de schoonheid van krijtrotsen wanneer de eerste zonnestralen van de dag er op schijnen en ze in een gouden gloed zetten blijft voor eeuwig.

Lees de gehele column van Janet Frieling op de bron: Zeilhelden

Tekst en foto Janet Frieling

BBZ
EOC